Welkom, bezoeker! [ Registreren | Login

Je hond leren alleen te blijven

Nieuws, Weetjes 22 april 2017

Een hond is een sociaal dier dat van oorsprong in groepen (roedels) leeft en alleen zijn is dus tegen zijn natuur.

Door middel van training kan worden bereikt dat de hond het alleen zijn accepteert als een “normaal” onderdeel van zijn leven.Honden en alleen blijven
Honden en alleen blijven
Uitingen van verlatingsangst zijn onder meer vernielen, onzindelijk zijn en janken en blaffen wanneer de hond alleen thuis is. Wanneer er sprake is van heftige stress bij de hond zodra die alleen thuis moet blijven, dan doe je er zondermeer verstandig aan om bij de training van de hond de hulp van een professionele gedragsbegeleider in te roepen. Gaat het om een hond die niet zo goed alleen kan zijn zonder dat er sprake is van veel stress, of gaat het om een puppy die je het alleen kunnen zijn wilt leren, dan zijn hier wat trainingstips:

  • Begin met de hond bekend te maken met zijn bench. je kunt dit aanleren door hem telkens iets lekkers te geven in de bench zodat hij hiermee vertrouwd raakt;
  • Blijf bij je hond zitten en aai hem en stel hem op zijn gemak. dit doe je eerst met de deur open, gaat dat goed dan ga je de deur voor een korte periode sluiten, terwijl je zelf naast de bench blijft zitten;
  • Heel belangrijk is dat je dit langzaam aan opbouwt! Als je te snel werkt zul je merken dat je hond onrustig wordt en dat moet je voorkomen. Beloon je hond op het moment dat hij rustig is met iets lekkers. Altijd in de bench zodat hij zich hier op zijn gemak gaat voelen;
  • Is dit gelukt dan kun je met een gesloten deur even weglopen en direct weer terug komen. Dit ga je heel langzaam uitbreiden, neem hier echt de tijd voor! Als de hond begint te piepen ben je waarschijnlijk toch net iets te lang weg geweest. Wordt dan niet boos ga bij de bench zitten en open de deur pas als je hond rustig is. Zo kun je langzaam aan de tijd uitbreiden zonder dat je verlatingsangst bij je hond gaat krijgen;
  • Een pup of jonge hond kan natuurlijk nooit lang alleen thuis zijn, daar moet een hond langzaam aan wennen. Het kost echt een aantal maanden voordat je een hond een dagdeel alleen thuis kunt laten!

Honden en alleen blijven
Honden en alleen blijven

Overige tips in het kader van het leren alleen zijn:

  • Geef je hond speelgoed dat speciaal bedoeld is om de hond zich in zijn eentje te laten vermaken, zoals een Kong of een activity ball. Deze speeltjes kun je vullen met lekkers, zodat je hond zich niet hoeft te vervelen. Door zich te concentreren op het bemachtigen van dat lekkers heeft hij ook minder “de tijd” om zich druk te maken over het feit dat hij alleen is!;
  • Wanneer je hond al zenuwachtig wordt als hij denkt dat je weggaat ,doe dan regelmatig alsof je weggaat zonder het echt te doen. Trek je jas aan en even later weer uit. Pak regelmatig je sleutels op, loop naar de voordeur en kom weer terug. Door dit regelmatig te doen leer je je hond om minder gevoelig op dit soort signalen te reageren. Besteed geen aandacht aan het gedrag van je hond tijdens dit soort oefeningen;
  • Maak van vertrek én thuiskomst geen “drama”. Hoe meer jezelf uitstraalt dat het volkomen normaal is om weg te gaan en weer terug te komen, hoe sneller je hond dit ook zal accepteren! Het slechtste dat je kunt doen is je hond troostend toespreken als je weg gaat. Je bevestigt daarmee immers dat het heel erg is voor hem!;
  • Straf je hond nooit wanneer je bij thuiskomst vernielingen of de gevolgen van onzindelijkheid aantreft. De hond kan de straf niet in verband brengen met wat hij heeft aangericht, maar zal de straf koppelen aan het feit dat je thuiskomt! De symptomen van verlatingsangst/stress verergeren zelfs vaak wanneer de hond naderhand gestraft wordt. Immers, alleen thuis blijven wordt voor de hond steeds stress-voller (gezien de verwachte straf bij thuiskomst van de baas). Veel eigenaren denken dat hun hond wel degelijk weet dat hij “fout” is geweest maar dit is niet het geval!
  • Sinds kort is er een medicijn op de markt dat speciaal bedoeld is als ondersteuning bij de gedragstherapie voor honden met verlatingsangst. Dit middel heet Clomicalm. Overleg desgewenst met uw dierenarts over de toepassing van het middel. Ook kan gedragstherapie m.b.t. verlatingsangst zeer goed ondersteund worden met Bach Bloesem Remedies. Bach Bloesem Remedies zijn natuurlijk, volkomen onschadelijk en zeer effectief gebleken!

Bron: http://www.dierenvreugde.com/

379 keer bekeken, 1 vandaag

Honden: puppy-af

Nieuws, Weetjes 29 maart 2017

Puppy-af

Daar sta je dan midden op het uitlaatveld… Je puber heeft dikke pret en rent van links naar rechts, maar is niet van plan om te reageren op jouw verzoek om bij je te komen. Je zucht eens diep, vorige week luisterde hij nog wel. Ineens lijken zijn oren ‘stuk’. Je zucht nog eens, terwijl je puber weer voorbij raast. Je denkt met weemoed terug aan die leuke puppy-tijd, toen jij nog de hele wereld was voor je pup en hij niets liever deed dan bij jou zijn. Die goede oude tijd…

Troost je, je bent niet de enige puberbegeleider die zo zuchtend op een uitlaatveldje of in het bos heeft gestaan. Het hoort erbij, het is de volgende fase in de weg naar volwassenheid. Ergens tussen de 6 en 12 maanden oud, begint de puberteit. De ene hond is daar vroeg mee, de ander wat later. Hormonen en angst zijn de twee kernwoorden van deze ontwikkelingsperiode. Je kunt deze periode niet overslaan. Je kunt wél leren hoe je zo goed mogelijk met deze puberperikelen kunt omgaan. Hoe lang de puberteit duurt, verschilt per hond. De meeste honden worden in hun derde levensjaar volwassen.

Clickertraining wordt bij veel hondensporten toegepast

De basis

De verwachting dat na de puppytijd het lastigste wel voorbij is, klopt simpelweg niet. De basis is gelegd, maar in de puberteit leren honden nog heel veel bij. Honden blijven zich, totdat ze volwassen zijn, volop ontwikkelen op zowel het fysieke als het mentale vlak. Er verandert nog ontzettend veel in de periode tussen pup en volwassen hond. De puppyprivileges zijn weg, de hormonen spelen mee, een wereld vol geuren gaat open en zelfstandigheid komt om de hoek kijken. Deze fase is een fase van verdere ontwikkeling en het vastzetten van de band tussen begeleider en hond. En door de juiste begeleiding wordt de band sterker en groeit het vertrouwen tussen hond en begeleider.

De juiste begeleiding

De juiste begeleiding bestaat voor een groot deel uit geduld, maar ondertussen gaat de geestelijke en lichamelijke ontwikkeling gewoon verder. De oefeningen die je deed met je pup zijn toe aan uitbreiding. Maar hoe en wanneer er uitgebreid kan worden, verschilt enorm per puber. Kijk dus altijd naar je eigen hond en hoe hij reageert. Wanneer hij aangeeft dat het genoeg is, stop dan. Het heeft geen zin om door te gaan wanneer hij te moe of te afgeleid is. Lijkt je hond helemaal geen zin te hebben op een bepaald moment? Ga lekker een wandeling maken of samen spelen, zo voorkom je frustratie bij jullie beiden. Het is niet erg als het even niet lukt!

Groeispurt

Rond de puberteit vindt vaak nog een groeispurt plaats. Groeien gaat vaak niet gelijkmatig en het lichaam van je hond kan in deze periode daardoor echt even uit verhouding zijn. Na deze laatste groeispurt hebben de meeste honden hun uiteindelijke hoogte bereikt en vindt er geen lengtegroei meer plaats. De rest van de tijd, die het skelet nodig heeft om tot volledige ontwikkeling te komen, is nodig voor breedtegroei en het sluiten van de groeischijven. Vaak verloopt dit enorme groeien zonder problemen, maar het is wel raadzaam om je hond tijdens een groeiperiode een beetje te ontzien. Groeien kost namelijk veel energie en daardoor is de belastbaarheid even wat lager. Als jij als begeleider zijn belasting dan wat verlaagt door te zorgen, dat hij niet al zijn energie verbruikt voor wandelen, spelen en trainen, creëer je de best mogelijke omstandigheden voor het ontstaan van een sterk en gezond skelet. Behalve dat groeien veel energie kost, vraagt het ook veel aanpassingen op het gebied van motoriek en lichaamsbesef. Een jonge hond moet echt leren hoe hij zijn ‘nieuwe’ lijf moet en kan aansturen.

Groeipijn

De meest voorkomende klacht, die tijdens een groeispurt kan ontstaan, is groeipijn. Dit ontstaat op het moment dat de groei van het bot niet in verhouding is met de groei van de bloedvaten. De bloedvaten vernauwen dan wat, waardoor er wat stuwing in het beenmerg en vochtophoping onder het beenvlies kan optreden. Dit is een pijnlijk proces, botpijn is een diepe pijn, waar je hond erg veel last van kan hebben. Er wordt soms ten onrechte gedacht dat alleen de honden van de grote rassen last van groeipijnen kunnen hebben. De grotere rassen zijn er zeker wel gevoeliger voor, maar ook bij middelgrote en kleine honden kunnen groeipijnen voorkomen.

Met goede voeding minimaliseer je de kans op groeipijnen, maar het is lang niet altijd te voorkomen. Sommige honden krijgen er, ondanks alle goede zorg, toch mee te maken. Groeipijn komt in verschillende gradaties voor. Hoe je hond zal reageren op het onaangename gevoel in zijn lijf, is afhankelijk van de ernst van de klacht. Een hond met groeipijn, hoe mild ook, is altijd gebaat bij een lagere belasting. Maak dus je wandelingen korter, vermijd spel met andere honden en gooi zeker nu geen ballen en dergelijke voor hem.

Hormonen

Waar pups graag dichtbij je blijven, gaan pubers steeds meer afstand nemen en op avontuur zonder jou. De oorzaak van deze veranderingen is de hormoonpiek die hoort bij de puberteit. Deze hormoonpiek verandert enorm veel voor je pup. De wereld gaat er anders uitzien, omdat er een scala aan geuren mee gaat spelen die voorheen niet interessant waren. Plasjes van andere honden krijgen ineens veel meer betekenis. Waar eerder geen informatie te halen was, opent zich nu een ware bibliotheek aan informatie over degene die daar een plas heeft gedaan. Je kunt je voorstellen dat een berichtje dat voorheen uit één zin bestond en nu ineens uit een verhaaltje, de aandacht wel even vasthoudt. Het is even wennen voor hem om al deze informatie te verwerken.

Testosteron

Voor zowel reuen als teven komt er een hormoonpiek, maar deze heeft voor beide geslachten verschillende uitwerkingen. Wanneer reuen geslachtsrijp worden, krijgen zij een enorme piek in hun testosteronniveau in het bloed. Je merkt, dat reuen die de puberteit in schieten zich heel anders gaan gedragen. Ze gaan ook heel anders benaderd worden door andere honden. Vaak verandert het gedrag van jong volwassen reuen richting pubers vrij heftig. Het kan gebeuren dat je jonge puber ineens te maken krijgt met correcties van volwassen reuen die je niet had zien aankomen. Het kan ook gebeuren dat een jong volwassen reu een puber echt opzoekt om een probleem te creëren. Het is heel vervelend dat dit gebeurt, maar de oorzaak zit hem in de stijging van het testosteronniveau. De testosteronpiek zorgt er namelijk voor dat het testosteroniveau in het bloed tot zeven keer hoger kan zijn dan bij een volwassen reu. Dat geeft verandering in de geur die je puber uitscheidt en dat zorgt weer voor gedragsverandering bij reuen die jullie ontmoeten.

Ook het gedrag van je puber zal veranderen. Waar je jonge reu eerst heel goed kon spelen met iedereen, verandert dat nu al heel snel in hoge opwinding en het bestijgen van andere honden. Dat kunnen teven zijn, maar het gebeurt ook wel bij reuen. Omdat je puber geleid wordt door zijn hormonen, zal hij zelf niet gauw kunnen stoppen met dit gedrag. Jij als begeleider zult dit in goede banen moeten leiden. Dat betekent dat er nog meer management nodig is tijdens ontmoetingen met andere honden. Bestijgt je puberende reu een andere hond, dan kun je hem daar even weghalen en aanlijnen. Op die manier zorg je ervoor dat hij weer kalmeert.

Puberperikelen

Je puber rent op je af, je staat al klaar om je koekjes uit je zak te toveren… en ineens rent hij de andere kant op of stopt hij om naar een struikje toe te lopen. Wat gebeurde er? Tja, ineens kwam er iets voorbij. Het kan zijn dat hij iets gezien heeft of dat er een lekker geurtje voorbij kwam zweven, maar hij moest er echt even aandacht aan geven. En daar sta je dan als begeleider. Een echte puberperikel. Blijf kalm, probeer de humor ervan in te zien en begin opnieuw.

Geduld en humor, daar kun je niet genoeg van hebben als je hond in de puberteit zit!

“Jaahaa, ik kom zo!” Treuzelen wordt het ook wel genoemd. Tergend langzaam komt je puber op gang, maar eerst is hij nog even te druk om direct naar je toe te rennen. Hij moet nog kijken naar een vogeltje of snuffelen aan een graspol. Kan gebeuren. Een puber heeft veel te beleven buiten en afgeleid raken door belangrijker zaken dan een koekje en een aai over de bol halen, kan zeer snel voorkomen.

Niet of niet direct komen als je hem hebt geroepen, is een echt puberperikel. Hoe ga je hiermee om? Het is belangrijk te bedenken dat je puber het niet doet om jou persoonlijk te irriteren of je voor gek te zetten (mocht je gezellig met een groep aan de wandel zijn). Prioriteiten stellen is aan de orde van de dag bij pubers. Ze hebben nu eenmaal een andere belevingswereld gevonden en zullen die op bepaalde momenten prioriteit geven. Prioriteiten worden altijd door het individu gerangschikt en als begeleider kun je alleen maar proberen de rekensom gunstig voor jou uit te laten vallen.

Dat doe je door veel te oefenen. Gebruik bijvoorbeeld renspelletjes wanneer je een hond hebt die geneigd is te treuzelen. Daarmee maak je het naar je toe komen een activiteit en niet een plicht. Rennen samen met je begeleider of je begeleider proberen te vangen, is voor de meeste honden niet te weerstaan. Statisch afwachten brengt geen snelheid in een al trage gebeurtenis, dus verander dat.

Spel: Tikkertje

Wat heb je nodig? Een beetje conditie, goede schoenen, lekkere voertjes en een omgeving waar jullie samen veilig kunnen rennen. Gooi een voertje weg en wanneer je puber het voertje gaat halen, ren je de andere kant op en roep je de naam van je hond. Zodra je puber je inhaalt, zeg je dat hij helemaal geweldig en knap is (“wat ben jij knap zeg!! superpup!”). Je gaat vervolgens stilstaan en geeft je puber achter elkaar vier tot vijf kleine voertjes en daarna gooi je weer een voertje voor je uit. Je wacht tot je hond het voertje achterna rent, vindt en opeet en dan ren je weer de andere kant op terwijl je zijn naam roept.

Het is een fase…

In de puberteit komt er een hoop op zowel hond als begeleider af. Je hond kan er niets aan doen dat hij even door zijn hormonen gestuurd wordt of dat hij door een angstfase heen gaat. Je hond heeft in deze periode veel begeleiding nodig en af en toe zal er echt een beroep op je geduld worden gedaan.

Je kunt veel problemen in deze fase voorkomen door goed vooruit te blijven kijken en denken. Weet je dat je zo verderop in je wandeling op een stuk komt waar altijd heel veel wild loopt? Lijn dan je hond van tevoren aan zodat hij niet de kans krijgt om zijn neus achterna te lopen. Staat er bezoek gepland en is je puber op het moment een beetje opdringerig in het begroeten van mensen? Houd hem dan even apart tot het bezoek rustig zit. Voor een heleboel nare ervaringen, die ze kunnen opdoen tijdens de puberteit, geldt dat voorkomen echt beter is dan genezen. Als je je hond goed kent, bewust met hem bezig bent en oog hebt voor de omgeving, dan kun je veel situaties zien aankomen. Dat geeft je de tijd om te handelen vóórdat het misgaat.

De puberteit is soms een pittige fase, maar hij gaat echt weer over. Alles wat je voor deze fase hebt aangeleerd, lijkt weg te zijn, maar dat is zeker niet zo. Na de puberteit zul je merken dat alles ‘het nog doet’, mits je in deze fase rustig doorzet en oefent. Zorg ervoor dat je voorbereid bent, een goede portie geduld hebt en dat je een gezonde hoeveelheid humor op voorraad hebt!

467 keer bekeken, 1 vandaag

Waarschuwing: Broodfok

Nieuws, Weetjes 25 maart 2017


Er is veel (verborgen) dierenleed, dus pas goed op dat u uw dier niet meegeeft of verkoopt aan dierenhandelaren of dierenbeulen:
– mensen die uw gratis dier gewoon dezelfde week weer op de tweedehands/aanbodssite zetten en er dan wel geld voor vragen
– om te gebruiken voor porno of om ze sexueel te misbruiken
– voor slangenvoer
– voor vivisectie
– voor broodfok.
– mensen die honden of katten gebruiken bij hondengevechten (om er vechthonden
mee te trainen): Op dit moment blijken hondengevechten in Nederland en België te floreren. Om honden agressief te houden worden zij losgelaten op oefenhonden. Deze oefenhonden worden van straat geplukt maar vooral ook aangezocht op websites waar honden worden aangeboden, waaronder tweedehands/aanbodssites. De prijs maakt niets uit. De verdiensten zijn immers hoog. Maar gratis honden zijn natuurlijk een nóg makkelijkere prooi! Ze kunnen worden gebruikt als oefenhond (waarbij hun snuiten/monden en poten worden afgetaped, zodat ze zich niet kunnen verweren of weg kunnen lopen) en worden naderhand gedumpt (nadat eerst hun chip eruit is gesneden zodat niet achterhaald kan worden waar ze vandaan komen) of verbrand.
Er wordt gezocht naar twee type honden: kleintjes om de vechthonden mee te treiteren vlak voor een gevecht plaatsvindt en de bullen/boxers/grotere honden om mee te oefenen.
Kijk dus goed uit aan wie u uw hond verkoopt of (gratis) meegeeft!!!!
Vergewis uzelf ervan dat uw hond goed terecht komt en vertrouw niet iedereen louter op mooie praatjes – (dubbel)check sowieso hun telefoonnummer en adres of laat ze nog een keer terugkomen: als ze écht geïnteresseerd zijn in uw dier doen ze dat vast wel.
Voorkom dierenleed en ben bewust dat niet iedereen goede bedoelingen heeft, dus dat u extra attent bent waar uw hond terecht komt! Want uw dier is compleet afhankelijk van u, dus dient u daarvoor verantwoordelijkheid te nemen en ervoor zorg te dragen dat hij een goed, liefdevol én veilig nieuw thuis zal/kan krijgen.
Denk na en vraag in ieder geval een (redelijke of al is het maar een kleine) vergoeding voor je hond, kat, konijn of andere huisdieren of zet bij vraagprijs i.p.v. “gratis”: “n.o.t.k. (nader overeen te komen) of “bieden”, zodat bepaalde “mensen” met onjuiste/slechte bedoelingen niet zo gauw meer op een advertentie zullen reageren omdat zij bij
voorkeur gratis dieren komen ophalen en kun je er niet meer voor zorgen neem dan contact op met een asiel/stichting, die zijn er om te helpen.
Geef in ieder geval je dier nooit mee wanneer je het niet vertrouwt, zodat je je dier niet een pijnlijke mishandeling of dood injaagt !!
En let ook op waar je je puppie koopt: veel jonge hondjes komen van puppiefabrieken uit Oostbloklanden en worden hiernaartoe overgebracht naar “mensen” die alleen maar op geld uit zijn en honderden, veelal zieke puppies zo snel mogelijk willen verkopen. Neem liever een hond of puppie uit het asiel of erkende
dierenorganisatie of van een goede fokker en ban daarmee de broodfok uit! De moederhonden hebben een erbarmelijk leven en de puppies hebben vaak een slechte gezondheid en worden veel te snel bij de moeder weggehaald.
Dit moet gestopt worden!

420 keer bekeken, 3 vandaag

Afkomst van de gedomesticeerde kat

Nieuws, Weetjes 4 maart 2017

Introductie
Ondanks zijn overduidelijke hang naar comfort en menselijk gezelschap, heeft onze huiskat nog altijd allerlei eigenschappen die ons aan zijn wilde verwanten doen denken. Diverse kleine, wilde katachtigen hebben in feite hun wilde status ingeleverd om samen te gaan leven met de mens. De scheidslijn tussen wild en niet-wild blijft echter dun. Een (niet enkel binnenshuis levende) kat kan, als de omstandigheden hem daartoe dwingen, in veel gevallen vrij eenvoudig overschakelen naar het onafhankelijke leven van een wilde/verwilderde kat. Maar welke katachtigen zijn eigenlijk de voorouders van onze huiskat? En hoe is de kat bij de mens gekomen als huisdier? Met andere woorden, hoe is het proces van domesticatie (het huisdier worden) verlopen?
De oorsprong van gedomesticeerde katten
De kattenfamilie ‘felidae’ omvat zowel de grote, brullende katachtigen van de jungle en de savanne, als talloze kleine, al dan niet wilde katachtigen (daaronder begrepen onze huiskat). Er wordt een onderverdeling gemaakt op basis van hun anatomie (en het al dan niet kunnen brullen), en wel in drie geslachten: ‘panthera’ (de grote katachtigen, zoals de leeuw, de tijger, de luipaard en de jaguar), ‘acinonyx’ (kat met niet-intrekbare klauwen, de cheetah) en ‘felis’ (de kleine katachtigen/de katten). Aan het begin van de twintigste eeuw bestonden er binnen de kattenfamilie ‘felidae’ nog meer dan tweehonderd kattensoorten. Nu, in de éénentwintigste eeuw, zijn dit er minder dan dertig. Als gevolg van de jacht door de mens zijn talloze (vooral grote) katachtigen uitgestorven. Er is een nauwe genetische verwantschap tussen de wilde katachtigen en de gedomesticeerde kat, maar toch was het lange tijd niet zeker welke wilde sub-soort van de kleinere katachtigen (‘felis’), zich heeft ontwikkeld tot de huiskat: de Europese wilde kat (‘felis sylvestris sylvestris’), de Aziatische wilde (woestijn)kat (‘felis sylvestris ornata’) en/of de Afrikaanse wilde kat (‘felis sylvestris libyca’)? Lang werd, met name op basis van het uiterlijk, aangenomen dat de Europese wilde kat de voorouder van onze huiskat zou zijn, maar (onder meer) zijn schuwheid maakte dit onwaarschijnlijk. Een (wild) dier moet namelijk in de buurt van mensen durven te zijn om uiteindelijk evenwichtig samen te kunnen gaan leven met de mens. Recent DNA-onderzoek van Driscoll heeft aangetoond dat de van nature socialere Afrikaanse wilde kat (‘felis sylvestris lybica’) de voorouder is van de (meeste) huidige gedomesticeerde katten.

De eerste stappen naar domesticatie
Domesticatie (van dieren) is het proces waarmee de mens dieren zodanig van eigenschappen verandert dat deze dieren steeds meer aangepast raken aan het leven dichtbij en in dienst van de mens. In eerste instantie hebben onze voorvaderen op katten gejaagd, zowel om hen te eten als voor de pelzen. Maar naarmate de mens agrarische gemeenschappen vormde, werden katten waarschijnlijk toegelaten om knaagdieren te verjagen. Mensen zorgden ervoor dat de katten in hun buurt bleven door ze beloningen te geven in de vorm van voedsel. Hierdoor werden voornamelijk katten geselecteerd die gevoelig waren voor beloningen en die betrekkelijk weinig angst kenden voor mensen. De leefomgeving bood de katten een veilige plek om zich voort te planten. Mogelijk werden de kittens tam gemaakt en gebruikt om plagen te controleren. Door verbeterde wetenschappelijke DNA-technieken weten we dat katten reeds tussen de tien- en vijftienduizend jaar geleden als huisdieren werden gehouden. De beste aanwijzingen hiervoor komen van Cyprus. Omdat dit een eiland is, kunnen katten er alleen zijn gekomen als zij door de mens zijn meegenomen (Bradshaw).

Katten in de Oudheid en de Middeleeuwen
Katten werden waarschijnlijk als eerste als huisdier gehouden in het Oude Egypte. Dit blijkt met name uit de overvloed aan Egyptische kunstvoorwerpen en afbeeldingen waarin de kat een centrale rol vervult. De kat stond in het Oude Egypte onder meer symbool voor de vruchtbaarheid. In 1890 vonden archeologen 300.000 kattenmummies in een tombe. Ook in het verre oosten werden katten als huisdier gehouden. Dit waren de afstammelingen van de Aziatische woestijnkat ‘felis sylvestris ornata’ en naar alle waarschijnlijkheid de voorvaderen van de hedendaagse langharige kattenrassen. De Romeinen namen katten mee uit Egypte naar de door hen in Europa veroverde gebieden, vooral om knaagdieren te verjagen. De kat werd tot de val van het Romeinse rijk als symbool van vrijheid gezien en als zodanig gerespecteerd. In de vroege Middeleeuwen veranderde het beeld van katten echter drastisch. De kat werd toen vooral in verband gebracht met het kwaad en met hekserij. Katten werden massaal op de brandstapel gegooid. Kattenvlees werd, in periodes van honger, aan de soep toegevoegd. Deze hachelijke tijden hebben wij gelukkig achter ons gelaten, alhoewel zwarte katten nog altijd met ongeluk worden geassocieerd en zij, waarschijnlijk om deze reden, dikwijls langer dan andere katten in het asiel blijven zitten.

Een nieuwe tijd

Vanaf de zeventiende eeuw won de kat weer sterk aan populariteit als huisdier. De kat keerde in deze periode ook terug in de kunst, vooral in de Romantiek. Langzaam maar zeker ging de kat steeds meer onderdeel uitmaken van het dagelijks leven van de mens. De eerste kattenshows werden in de negentiende eeuw gehouden in Engeland. Men kreeg meer verstand van genetica en het fokken maakte een opmars. En, toen reizen een stuk eenvoudiger werd in de twintigste eeuw, verspreidden diverse kattenrassen en kleurvariaties zich in tamelijk korte tijd over de hele wereld. Inmiddels zijn er meer gedomesticeerde katten dan honden in de wereld.

297 keer bekeken, 1 vandaag

De schoonheid van Homeopathie

Nieuws, Weetjes 1 maart 2017

De Schoonheid van Homeopathie

bron: www.pietquartel.nl

Eenheid

Wij zijn deel van het universum, dat is niet te ontkennen. Wij zijn innig verbonden met de aarde, en de aarde is weer deel van het universum.
Anders gezegd zijn wij een stukje universum. Zowel dier als mens. De Eenheid.
Daarom is het niet verbazingwekkend dat andere stukjes universum, zoals de mineralen, de planten en de dieren, waarvan homeopathische middelen zijn gemaakt een verbinding, een connectie, hebben met ons organisme. Elk biologisch wezen of element resoneert met een deelaspect van en in ons mee!
Die symptomen en gebieden in uw leven die opspelen geven precies aan welke van die ons omringende elementen, planten of dieren kunnen helpen bij de genezing van deze gebieden. Het gelijkheidsbeginsel of wel de Similia wet. Enkele voorbeelden worden hieronder beschreven.

Eigen sfeer

Van de hieronder beschreven groepen middelen geldt dat deze alle hun eigen kenmerken vertonen. Maar ook dat ze hun eigen sfeer hebben. Ze roepen een bepaald gevoel op. Het geneesmiddelbeeld wordt dan ook wel een ”state” genoemd. Een toestand.
Het is logisch dat iemand die het middel Schorpioen nodig heeft een andere uitstraling en sfeer heeft dan iemand die het geneesmiddelbeeld van het Madeliefje vertoont.
Om misverstanden te voorkomen, de hieronder beschreven groepen gaan over de beelden van homeopathisch sterk verdunde stoffen die gemaakt zijn van de mineralen, planten of dieren.

Mineralen

Individuen die een mineraal middel nodig hebben zijn inwendig bezig met structuur aanbrengen. Er kan te veel structuur zijn zoals overdreven precies zijn. Of te weinig structuur en dat ziet er uit als chaotisch en wanordelijk.
Voorbeeld: Individuen die het geneesmiddelbeeld vertonen van Arsenicum vertonen een soort van ontbindingsangst. Daarom worden ze overdreven precies en conservatief. Heel netjes. Ook dieren met het beeld van Arsenicum zien er heel netjes uit.

Edelstenen

Dit is een bijzondere groep middelen. Ja, er zijn dus ook homeopathische middelen gemaakt van (half-)edelstenen! Mensen die deze substanties nodig hebben vertonen een min of meer verheven geneesmiddelbeeld. Een tamelijk spirituele thematiek die tegelijkertijd enige psychische hardheid laat zien.

Plantenmiddelen

Geneesmiddelbeelden van planten gaan over sensitiviteit. Gevoeligheid en overgevoeligheid. Bijvoorbeeld voor de omgeving.
Voorbeeld: Het middel Belladonna, gemaakt van de Wolfskers is heel gevoelig voor geluiden. Dat is ondraaglijk voor hen. Ze worden er agressief van.
Verder is het zo dat iedere plantengroep zo haar eigen thema heeft. Dat is een hulp bij het vinden van de juiste plant die voor genezing nodig is.

Dierenmiddelen

Dierenbeelden gaan over interacties tussen individuen. Territoriumkwesties. Ze bezitten een grote levendigheid en intensiviteit.
Voorbeeld: de slang Lachesis is terug te vinden bij individuen met een grote emotionele intelligentie. Ze praten veel en kunnen zich verlaten voelen. Ze zijn geestig en zijn heel goed in talen.

Menselijke substanties

Al heel lang zijn weefsels van zieke mensen tot homeopathisch middel verheven, Nosoden genoemd, zoals bijv. Medorrhium dat is gemaakt van uitscheiding van geslachtsziekte gonorroe.
Maar ook stoffen bereid die afkomstig zijn van gezond menselijk weefsel. Zoals navelstreng, placenta, vruchtwater en moedermelk.
Moedermelk, Lac Humanum genoemd, geneest een heel gevoelsmatige menselijke thematiek. Namelijk het (on)vermogen zich gekoesterd te voelen in het leven.
Zo zijn deze menselijke substanties genezend bij heel menseigen ontwikkelingsstadia.

Landkaart

Al met al, bovenstaande groepen overziende, is het een breed palet aan soorten middelen dat de homeopathie ter beschikking staat!
Dat is het ambacht; het herkennen van dat wat als eerste genezing nodig heeft.
Wanneer we het menselijk lichaam en de menselijke psyche als een land, een terrein, zien is homeopathie een landkaart waarmee die bepaalde verstoring of stagnatie in uw organisme wordt gelokaliseerd.
En nogmaals, hierbij is geen enkel oordeel; het gaat puur om het beschrijven van hoe en waar u onvoldoende dan wel anders functioneert.
Dit alles geldt evenzeer voor dieren.

Hoe het werkt

Homeopathie is een energetische aanraking. Een heel gerichte aanraking.
Een specifieke prikkel, die precies dat stukje van u, uw organisme, aanraakt dat de stagnerende factor is in het geheel van uw lichamelijke en psychische stofwisseling.
En doordat deze stagnatie wordt gedeblokkeerd kan de levenskracht weer stromen en het betreffende gebied genezen worden.

Genezing is zelfgenezing

Deze herstelde stroming van de levenskracht staat de persoon toe op geheel eigen wijze en tempo het genezingsproces binnen zichzelf te laten plaatsvinden. Zo gezien valt genezing samen met zelfgenezing.
Het gebeuren dat in het genezingsproces van chronische klachten oude verschijnselen uit een eerdere levensperiode, bijv. een blaasontsteking, weer korte tijd terugkeren om vervolgens weer te verdwijnen.
Dit wordt in de homeopathie de Wet van Hering genoemd.
Een collega formuleerde hetzelfde iets anders en heel mooi: Het doel van behandelen is verbetering van de klachten via het bevorderen van het zelf-genezend vermogen. We streven daarmee naar herstel van de klachten zelf, maar laten de manier hoe over aan het systeem van het lichaam. Bijwerkingen zullen dan niet of slechts kortdurend en mild optreden. Bovendien is er kans dat het lichaam ook voor de toekomst beter voorbereid is.

bron: www.pietquartel.nl

372 keer bekeken, 2 vandaag

POSITIEF TRAINEN

Nieuws, Weetjes 1 maart 2017

POSITIEF TRAINEN

Bron: www.hs-lupo.nl

Afstudeeronderzoek aan de universiteit van Wageningen (Suzy Deurinck) bij 9 hondenscholen wijst uit waarom een positieve en vriendelijke hondentrainer essentieel is voor de interactie en de goede band tussen eigenaar en hond.

De trainer heeft door middel van de didactiek, de interactie met de eigenaar en de organisatie van de training grote invloed op de relatie baas-hond.

Doel training: de hond beter te begrijpen.
Als de instructeur het goed doet, gaat het beter tussen baas en hond.
Veel probleemgedrag is een uiting van onbegrip van de eigenaar van de hond.
Zouden baas en hond elkaar beter leren begrijpen dan zouden er minder honden in asiels terecht komen.

Training heeft een positief effect op honden: ze worden er kalmer en socialer van. Meer interactie en meer verzorging verlaagt de hartslag van de hond.
Eigenaren die meer tijd doorbrengen met hun huisdier ervaren minder gedragsproblemen met hun hond.

Als commando’s niet worden opgevolgd, is het vaak zo dat de hond niet begrijpt wat er verlangd wordt.
Trainers zouden daarom minder moeten zeggen wat van een cursist verlangd wordt, maar de oefeningen meer voor moeten doen met een hond.

Hoe de instructeur met de eigenaar omgaat, bepaalt de band met de eigenaar en de hond. Advies: kijk of de training bij je past.

Bij hondenscholen die met negatieve correcties werken vertonen honden meer signalen van stress en meer probleemgedrag.

De onderzoekster geeft de voorkeur aan trainingsmethodes waarin aangegeven wordt wat goed is gegaan en waarin ongewenst gedrag wordt genegeerd. Bijvoorbeeld met de clicker.
Het doel van de les is een fijne interactie, niet of de hond ‘het beste in de knieholte van de baas loopt’.

Conclusie:
De hondentrainer heeft grote invloed. Positieve bekrachtiging heeft de voorkeur.

Honden worden blij als je lacht
Vanuit de evolutie is de hond het meest gedomesticeerde huisdier. Een hond is bijzonder goed in staat om houding, aanraking, oogcontact en gelaatsuitdrukking van mensen waar te nemen en te interpreteren.

In Current Biology staat een artikel dat hier op aansluit.
Honden kunnen mensen ‘lezen’. Ze weten wanneer mensen boos of vrolijk zijn, daar wordt onderzoek naar gedaan. Honden leer je veel makkelijker op lachende gezichtjes te duwen dan op boze. Zelfs ‘halve gezichten’ met blije ogen of blije monden worden herkend.

Bron: www.hs-lupo.nl

 

493 keer bekeken, 2 vandaag

Gedrag van vissen

Nieuws, Weetjes 1 maart 2017

Gedrag van vissen

Het gedrag van vissen is over het algemeen heel sociaal. Van nature leven de meeste vissen in scholen of groepjes. Ze dienen dus niet in hun eentje gehouden te worden, maar met een aantal soortgenoten. Ze communiceren door middel van geuren, kleuren en vinsignalen. Het is heel belangrijk dat de vissen over een interessante, afwisselende omgeving beschikken. Diverse waterplanten, stenen en een zand- of grindachtige bodem zijn dan ook absolute vereisten. Planten zorgen voor schuilplaatsen en ze verbruiken nitraten, fosfaten en koolzuurgas, dat wordt omgezet in zuurstof. De meeste siervissen zwemmen graag in groepjes door het water. Het gedrag van vissen kenmerkt zich door het voortdurend zoeken naar voedsel. Daarbij woelen ze in de bodem en ‘grazen’ ze de algen van speeltjes, de aquariumwanden en decoraties af. Dit biedt de vissen de noodzakelijke afleiding en beweging.

Vissenkom

Vissen moeten zo veel mogelijk hun natuurlijke vissengedrag kunnen uitvoeren. Een flinke, diepe vijver is dan natuurlijk het beste. Als vissen in een aquarium gehouden worden, dan moeten ze over tenminste 250 liter water beschikken. Dat komt neer op een aquarium van 100 bij 50 bij 50 centimeter. Hoe meer en hoe groter de vissen, hoe groter het aquarium. Zorg er altijd voor dat het aquarium op een volledig vlak oppervlak staat, om te voorkomen dat het glas barst. Let er ook op dat het aquarium niet naast een deuropening, een televisie of geluidsboxen staat. Dit zorgt voor veel onrust en stress in het gedrag van vissen. Een vissenkom is absoluut ongeschikt om vissen in te huisvesten. Daarin past te weinig water, de vissen kunnen nauwelijks zwemmen en het zuurstofoppervlak is veel te klein.

Aquarium

Vissen zijn koudbloedig. Dat betekent dat ze hun temperatuur niet zelf kunnen regelen en heel gevoelig zijn voor temperatuurschommelingen. Iedere vissoort heeft zijn eigen ideale temperatuur. Hou daar rekening mee als u verschillende vissen bij elkaar zet in een vijver of aquarium. Wanneer u water gaat verversen, zorg er dan voor dat het nieuwe water dezelfde temperatuur heeft als het oude. Een nieuwe vis kunt u het beste minstens een uur in het aankoopzakje op het water van het aquarium of de vijver laten drijven. Zodra er geen temperatuurverschil meer is, kan de vis losgelaten worden.
Zet een aquarium op een koele plaats en niet direct in het zonlicht. Zonlicht bevordert de algengroei en kan de temperatuur van het water hoog laten oplopen. Daardoor blijft er te weinig zuurstof in het water over. Controleer de temperatuur in het aquarium regelmatig met een waterbestendige thermometer. Om het water te verwarmen, is een verwarmingselement met een laag voltage nodig. Laat u daarover goed adviseren bij de dierenspeciaalzaak. Ook in een vijver moet de watertemperatuur zo stabiel mogelijk blijven. Maak uw vijver daarom minimaal 1,5 meter diep.

Filtering

Voor een goede zuurstofverdeling en het voorkomen van hoge concentraties giftige stoffen (door planten, vissen en voedselresten), moeten een filter en een luchtpomp in het aquarium of de vijver geplaatst worden. Een binnenfilter met een membraanpomp is geschikt voor een aquarium dat niet langer is dan 80 centimeter. Grote bakken hebben een waterpompfilter nodig. Een keer per uur moet de gehele inhoud van het aquarium het filter zijn gepasseerd. Met beluchting ontstaat waterbeweging en is er een betere gasuitwisseling. Bovendien blijven afvalstoffen beter zweven, zodat het filter ze kan verwijderen. Ook in een klein aquarium moet u (bijvoorbeeld met een pompje) zorgen voor beweging van het water.
Bij een vijver is een filter eveneens heel belangrijk. Via mechanische filtering haalt u het grove vuil eruit. Biologische filtering zet het onzichtbare vuil om naar minder schadelijke stoffen. Laat de bodem leeg en zorg voor een vuilafvoer die al het vuil op de bodem meteen afvoert naar het filter. Zo houdt u een schone, heldere vijver.

Bodem

De bodem van een aquarium moet bedekt zijn met grind en/of zand. Veel vissen worden in hun natuurlijke omgeving bedreigd door vijanden van bovenaf, zoals reigers. Een grindbodem geeft de vissen een beschermd gevoel tegen deze natuurlijke vijanden. Let op dat de grootte van het grind bij het soort vissen past. Voor goudvissen bijvoorbeeld, wordt de bodem eerst bedekt met ongeveer 3 centimeter aan fijne kiezelsteentjes of grind. Daar overheen komt een dun laagje grovere kiezels van 5-8 millimeter. Ronde kiezelstenen zijn het beste, zodat de vissen zich niet kunnen verwonden. Gebruik geen schoonmaakmiddel om het aquarium of het grind te zuiveren, maar schoon water.

568 keer bekeken, 2 vandaag

Welke rashond past bij jou?

Nieuws, Weetjes 27 februari 2017

In dit artikel

Raskeuze
Groep 1: Herdershonden en Veedrijvers
Groep 2: Pinchers, Schnauzers, Molossers en Zwitserse Sennenhonden
Groep 3: Terriërs
Groep 4: Dashonden
Groep 5: Spitsen en Oerhonden
Groep 6: Lopende honden, Zweethonden en aanverwanten
Groep 7: Staande honden
Groep 8: Retrievers, Spaniels en Waterhonden
Groep 9: Gezelschapshonden
Groep 10: Windhonden

 
Raskeuze

Om een juiste keuze te maken voor een hondenras is het raadzaam om je te verdiepen in je gezinssituatie en leefomstandigheden. Wat wil ik met mijn hond en hoeveel tijd kan ik er in steken?

Kynoloog Karin Lokker: “Let wel, iedere hond heeft in ieder geval minstens 2 uur per dag geestelijke als lichamelijke afleiding nodig en sommige zelfs nog meer.”
Wees bewust wat je een hond kan bieden. Hieronder vind je de rasgroepen met de raseigenschappen. We pretenderen hiermee zeker niet compleet te zijn. Het is een beknopt overzicht zodat je in eerste instantie een selectie kan maken welk type hond je aanspreekt of niet. Mocht je een bepaalde rasgroep zien zitten, dan zitten daar een aantal rassen in met weer ieder zijn eigen raseigenschappen. Daarnaast heeft iedere hond net als ieder mens zijn eigen karakter en dat maakt het juist ook weer zo leuk om met je hond bezig te zijn en hem door en door te leren kennen!

Groep 1: Herdershonden en Veedrijvers*rasgroep-1-herders

Rasgroep1 Herders* uitzondering Zwitserse Sennenhonden

De honden uit deze groep zijn echte werkers, besluit je een hond uit deze rasgroep te nemen dat zal je echt met hem vervangend werk moeten gaan doen, zoals gehoorzaamheid, flyball, behendigheid, speuren, doggydance, etc. Deze groep is onder te verdelen in 3 categorieën namelijk;

Honden die de kudde beschermen en bewaken voor gevaar, bijvoorbeeld de Berghond en de Bouvier.
Honden die het vee drijven, drijven is het bij elkaar houden van de kudde, de hond cirkelt er om heen, bijvoorbeeld de Border Collie maar ook de Bearded Collie.
Honden die het vee hoeden, hoeden is dat de hond achter het vee loopt en de herder loopt ervoor. Dat zijn de herdershonden bij uitstek.
Hondenrassen in deze groep zijn o.a.: Border Collie, Duitse Herder, Bouvier en Old English Sheepdog.

Deze rasgroep werkt graag samen met de baas.

Groep 2: Pinchers, Schnauzers, Molossers en Zwitserse Sennenhondenrasgroep-2-sennenhond

Rasgroep 2 SennenhondDe Pinchers en Schnauzers werden voornamelijk gebruikt voor het vangen van ratten en muizen maar kunnen ook prima ingezet worden als waakhond.

De Molossers en Zwitserse Sennenhonden zijn wakers en beschermers. Van oorsprong zijn de Sennenhonden raszuivere veedrijvers maar worden nu voornamelijk ingezet als waak- en gezelschapshond. Molossers herken je aan de zware bouw van het lichaam. Ook deze honden hebben een functie en zullen dus ook aan het werk gehouden moeten worden

De Pinchers en Schnauzers zijn prima clickerhondjes, doen het goed in behendigheid en de wat snellere hondensporten. De Zwitserse Sennenhonden en de Molossers doen het bijvoorbeeld goed in de gehoorzaamheid, hersenwerk en speuren.

Hondenrassen in deze groep zijn o.a.: Argentijnse Dog, Boxer, Duitse Dog Rottweiler en Engelse Bulldog.

Deze rasgroep werkt graag voor de baas.

Rasgroep 3Groep 3: Terriërsrasgroep-3-terriers

De Terriër werd oorspronkelijk ingezet om onder en boven de grond te jagen, daar komt de naam ook vandaan terra= aarde. Ze zijn de beste in het vangen van bunzingen, ratten, muizen en konijnen. Dat verklaart ook direct hun temperament, de hondjes zijn pittig en moedig en deinzen niet snel voor iets terug. Ze zijn sterk en beweeglijk en niet snel van hun stuk te krijgen. Deze honden werken graag in de wat snellere of zelfstandige hondensporten zoals behendigheid, Rally- O fun, speuren en flyball.

Hondenrassen in deze groep zijn o.a.: Bull Terrier, West Highland White Terrier en Yorkshire Terrier

Deze rasgroep werkt graag voor de baas.

Rasgroep 4 TeckelGroep 4: Dashondenrasgroep-4-dashonden

De Teckel is van oorsprong een echte jager en werd ingezet om konijnen, bunzingen, muizen, ratten en zelfs wezels te bestrijden. Om in een konijnenhol te kunnen moet je klein van stuk zijn en daarom zijn er 3 afmetingen van de teckel gefokt: Kaninchen (kleinste soort) dwerg- en standaardteckel.

Mocht je voor de teckel willen kiezen dan zijn er ook nog 3 soorten vacht, de langhaar, korthaar en de draadhaar. Alle 3 hebben ze een verschillende vorm van onderhoud nodig. De teckel is eigenzinnig, moedig en volhardend, heeft een uitstekende neus en jaagt graag luid. De teckel heeft een uitstekend uithoudingsvermogen en moet echt wel aan het werk gezet worden. Doordat hij zo graag met zijn neus aan het werk is en ook laag aan de grond zit is speuren een uitstekende vorm van hondensport.

Hondenrassen in deze groep zijn o.a.: Kaninchen Dashond, Teckel.

Deze rasgroep werkt graag voor de baas.

Rasgroep 5 MalamuteGroep 5: Spitsen en OerhondenAlaskan Malamute ()

Dit is een groep waarin zich een allergaartje van rassen bevindt. De overeenkomst is dat ze allemaal heel natuurlijk ogen, ze zijn dus niet gefokt op schoonheid het zijn al eeuwenoude rassen. Het ene ras is geheel niet op de mens gericht en de andere juist weer wel. Voor sommige rassen is het daarom erg moeilijk om zich aan te passen aan de mens. Let er bij deze rasgroep op dat je je bewust bent van het ras en zijn eigenschappen.

Poolhonden werken graag samen en zoeken niet snel ruzie met andere honden maar zijn totaal niet gericht op de mens.
De Noorse honden zijn wel op de mens gericht en zijn deels drijvers, jachthonden of hoeders.
Ook de Keeshonden behoren in deze groep thuis en zijn goed op de mens gericht en kunnen prima ingezet worden als wakers.
Hondenrassen in deze groep zijn o.a.: Alaska Malamute, Chow Chow, Keeshond, Podenco en Husky.

Deze rasgroep werkt graag voor de baas.

Groep 6: Lopende honden, Zweethonden en aanverwanten

Rasgroep 6 BeagleDeze groep bestaat uit jachthonden ook wel brakken genoemd.Puppy Beagle

De lopende honden zijn de honden die het wild opsporen vaak onder luid geblaf
De zweethonden zijn jachthonden die aangeschoten wild kunnen opsporen door middel van het bloedspoor te volgen. Het bloed wordt door een jager zweet genoemd.
Daarnaast heb je de meutehonden die het wild opjagen. Meutehonden zijn echt honden die graag met elkaar zijn, het is dan ook aan te raden om in ieder geval een soortgenoot erbij te hebben, alleen zijn houden ze zeer zeker niet van, daarnaast doe je ze een groot plezier om met ze naar jachttraining te gaan.
Alle honden uit deze rasgroep hebben behoorlijk wat beweging, ruimte en uitdaging nodig. Jachttraining of speurwerk zou het beste bij deze honden passen. Brakken zijn eigenzinnige, vriendelijke honden met een enorm enthousiasme, ze zijn betrouwbaar en aanhankelijk.

Hondenrassen in deze groep zijn o.a.: Basset, Beagle, Dalmatiër en Rhodesian Ridgeback.

Deze rasgroep werkt graag voor de baas.

Groep 7: Staande hondenrasgroep-7-staande-honden

Rasgroep 7 PointerDe staande honden zijn ook jachthonden en wijzen de jager het wild aan. Tot deze soort jachthonden hoort o.a. de Duitse Staander en de Pointer, de namen zeggen het al. De honden hebben veel beweging, uitdaging en afleiding nodig. Net als alle honden hebben ze behoefte aan een consequente opvoeding. De staande honden zijn dol op jachttraining maar het is ook raadzaam om er gehoorzaamheidstraining mee te doen.

Hondenrassen in deze groep zijn o.a. ook: Engelse Setter, Vizsla en Weimaraner.

Deze rasgroep werkt graag met de baas.

Rasgroep 8 RetrieversGroep 8: Retrievers, Spaniels en Waterhondenrasgroep-8-retriever

Ook hier hebben we weer te maken met jachthonden en deze zijn weer onderverdeeld in 3 categorieën.

Honden die het wild apporteren, de Retrievers
Honden die het wild opstoten, de Spaniels
Honden die het wild uit het water halen de Waterhonden.
Alle hierboven genoemde honden zijn gek op werken met de baas, de meesten maakt het niet uit wat het is als ze maar bezig zijn. Ook hebben ze natuurlijk behoorlijk wat beweging nodig.

Hondenrassen in deze groep zijn o.a.: Engelse Cocker Spaniel, Golden Retriever, Kooikerhondje en Labrador Retriever.

Rasgroep 9 GezelschapshondGroep 9: Gezelschapshondenrasgroep-9-gezelschapshond

De naam zegt het al, deze honden zijn bij uitstek geschikt als gezelschap. Ze zijn meestal klein van stuk en makkelijk overal mee naar toe te nemen. Voorbeelden hiervan zijn de Cavaliertjes, de Bichon Frisé, de Malthezer of Lhasa Apso. De meeste van deze hondjes hebben wel een uitgesproken karakter. Ondanks dat ze het heerlijk vinden in je gezelschap, vinden ze het ook fantastisch om wat met de baas samen te doen. Gehoorzaamheid of behendigheid, doggydance, het maakt niet uit als het maar samen met de baas is, zijn ze snel tevreden.

Hondenrassen in deze groep zijn o.a. ook: Chihuahua, Franse Bulldog, Dwergpoedel, Mopshond en Shih Tzu.

Deze rasgroep werkt graag met de baas.

Rasgroep 10 WindhondenGroep 10: Windhondenrasgroep-10-windhonden

Windhonden zijn intelligente dieren die zelfstandig opereren. Ze hebben veel beweging nodig en zijn gemaakt voor het jagen op zicht. Als ze éénmaal iets zien waar ze achter aan kunnen dan ben je ze als baas kwijt. Ze hebben een enorm uithoudingsvermogen en zijn zeer wendbaar. Windhonden hebben daarom ook veel beweging en afleiding nodig.

Coursing is een typische hondensport voor windhonden. Ze jagen op zicht en met een enorme snelheid achter een stukje bont aan. Het karakter van de windhonden is vaak terughoudend, zachtmoedig en rustig in huis, mits ze daarnaast de juiste afleiding krijgen.

Hondenrassen in deze groep zijn o.a.: Whippet, de Afghaanse Windhond en de Greyhound.

Keuze gemaakt

Mocht je een keus gemaakt hebben, ga dan bij een erkende fokker voor een hondje kijken. De Raad van Beheer of een rasvereniging kan u hierbij verder helpen. We wensen je heel veel plezier met de voorbereidingen en het maken van een keuze van een nieuwe pup, want die is minstens net zo leuk als de pup zelf.

364 keer bekeken, 2 vandaag

Wat als zwervende honden geen zwerfhonden blijken te zijn? De evolutie van hondengedrag Zwerfhond?

Nieuws, Weetjes 27 februari 2017

In dit artikel

Wat is een hond?
Honden zijn flutouders
De evolutie van hondengedrag
Zwervende huishonden
Conclusie
Controverse
Referentie
YouTube
Gerelateerde artikelen
Credits
Reageer op dit artikel
Wat is een hond?

Kathryn Lord opent haar SPARCS-lezing (2015) met de vraag ‘Wat is een hond?’.

 

 

 

mexico-city-dump

De meesten  mensen zullen aan hun huisdier denken, sommige aan een assistentiehond of ander type werkhond. Al deze honden hebben één ding gemeen; ze zijn allemaal direct afhankelijk van mensen. Wij voorzien ze van voedsel en onderdak en we bepalen zelfs hun voortplanting. Echter dit betreft slechts het handjevol honden waar de meesten van ons dagelijks mee te maken hebben.

 

Foto door V. Broitman, Ray Coppinger: honden ontmoeten elkaar op de vuilnisbelt van Mexico City.

Lord schat dat er in totaal zo’n 1.000.000.000 honden op onze planeet leven. Van dat enorme aantal is slechts 17% huishond. Het merendeel, 83%, valt niet onder direct toezicht van mensen en leeft een vrij leven. Lord noemt deze honden ‘free living dogs’, het equivalent van Coppinger’s ‘village dogs’.

Veel mensen gaan ervan uit dat deze honden ooit huishonden waren. Ze zouden verdwaald of weggelopen zijn of ze zijn simpelweg door hun eigenaar op straat gezet. Het beeld van een zwerfhond op een vuilnisbelt op zoek naar eten is voor veel mensen onverdraaglijk. Mensen voelen zich vaak machteloos bij het zien van deze armoede en willen deze honden redden van dit erbarmelijke bestaan. Het idee heerst dat dit op te lossen is door onverantwoord gedrag van hondeneigenaren aan banden te leggen en door de dieren te vangen, te steriliseren en ter adoptie aan te bieden. Kathryn Lord (met Ray Coppinger) ziet dat anders. Dit zijn merendeels dieren die zich hebben geëvolueerd binnen een bepaalde niche.

 

aantal-honden-op-aarde

Honden zijn flutouders

Deze ‘free living dogs’ moeten zichzelf voorzien van voedsel en onderdak. Ook hebben zij de vrijheid om zichzelf voort te planten waar en wanneer zij dat willen. Ook de zorg voor de pups nemen zij voor eigen rekening.

Toch leven ook deze honden bij de gratie van mensen. Hun gedrag is geëvolueerd en aangepast aan de aanwezigheid van mensen en op het afval wat wij produceren. Wolven, coyotes en jackhalzen zijn genoodzaakt om hun jongen goed te verzorgen. Zij verzorgen hun kinderen totdat zij zelf op eigen benen kunnen staan. Maar bij honden is dit van minder groot belang, want voedsel is meestal wel voorradig en pups worden daarom dan ook sneller aan hun lot overgelaten. De ouderlijk zorg bij honden is dus minder complex dan bij hun soortgenoten. Dit heeft een hoger sterftecijfer onder pups tot gevolg. Lord ziet dit als een aanpassing aan de ‘natuurlijke’ habitat waarin ze leven. Het is geen kwestie van degeneratie, maar van aanpassing! Dit is wat honden doen, hun gedrag is op deze manier geëvolueerd als een overlevingsstrategie. Is dit zielig? Nee. Je zou deze honden volgens Lord met dezelfde bril moeten bekijken als iedere andere wilde soort die probeert te overleven in zijn habitat. Lord is zich goed bewust van de controverse die zij hier uitspreekt, maar daagt het publiek uit om met haar mee te gaan in deze gedachtegang

.moeder-met-pups-afrika

Foto door Daniel Stewart: moederhond met haar pups, Zuid-Afrika.

De evolutie van hondengedrag

Om het gedrag van de hond beter te kunnen begrijpen, vergelijkt Lord het gedrag van de hond met dat van een aantal soortgenoten; de ethiopische wolf, de gewone jakhals, de gestreepte jakhals, de zadeljakhals, de coyote, de dingo en de wolf.

Voortplanting

De wilde soorten reproduceren zich seizoensgebonden. De mannetjes en vrouwtjes ondergaan zelfs een fysieke verandering zodat zij alleen maar gedurende een korte periode vruchtbaar zijn en kunnen paren. De pups worden in het voorjaar geboren wanneer er veel voedsel voorradig is en de kans op overleven het grootst. De reproductie bij honden is niet seizoensgebonden. In de habitat van de hond is in principe het hele jaar door voedsel voorradig. Pups hebben ongeacht het moment waarop ze geboren worden evenveel kans op overleven. Het verspreiden van nestjes over het jaar heeft als bijkomend voordeel dat er niet te veel concurrentie plaatsvindt tussen de pups.

seizoenen (1)seizoenen

Afbeelding: Lord et al. 2013 – Paringen over het jaar verspreid, links honden, rechts wolven.

Hoe groter het dier, hoe langer het duurt voordat het dier zich kan voortplanten. Bij de wilde soorten kan een dier al na 10 maanden rijp zijn, maar als hij nog niet voldoende is gegroeid, dan zal hij automatisch nog een jaar moeten wachten om te kunnen paren. Een coyote is een klein dier en kan al na een jaar paren, een wolf is veel groter en paart pas na 2 of 3 jaar. Hoe zit dat bij honden? De gemiddelde vrij levende hond weegt 13 kg en kan zich al na een jaar voortplanten en hoeft ook niet een jaar te wachten tot het seizoen zich weer aandient.

Honden zijn niet monogaam

Een ander groot verschil tussen de hond en zijn wilde familieleden is de partnerkeuze. De wilde hondachtigen zijn over het algemeen monogaam. De Ethiopische wolf gaat af en toe vreemd maar zal zich wel binden aan één vaste partner. De coyote is geheel monogaam, wat in het dierenrijk uitzonderlijk is. Honden kiezen niet voor één vaste partner. Ze doen het, plat gezegd, met iedereen.

village-dogs

Foto door Daniel Stewart: village dogs, Zuid-Afrika.

Zorg voor de pups

De zorg die wolvenouders voor hun pups hebben is complex. Vader en moeder zorgen beiden voor de kinderen. Vader jaagt, en moeder blijft in het nest om voor de pups te zorgen en ze te beschermen. Zelfs de oudere broers en zussen van het vorige nest helpen mee met de zorg, waardoor de overlevingskansen van de kleine pups worden vergroot. Omdat honden niet voor een vaste partner kiezen, is de zorg voor de pups automatisch gehalveerd. De moeder neemt alle zorg op zich, maar al na 10 weken verlaat ze het nest. De pups staan er vanaf dat moment alleen voor. Hoe kan dit een voordeel zijn voor deze soort?? De pups staan snel op eigen benen. Ze verlaten uit zichzelf het nest om op zoek te gaan naar voedsel. Het eten is meestal voorradig, dus heel moeilijk is dat niet. Snel afstand doen van de pups, zorgt ervoor dat de moeder sneller weer kan reproduceren. Honden kunnen gemiddeld iedere 7 maanden een nest krijgen. Deze vrijlevende honden worden gemiddeld 4 jaar oud en krijgen meerdere nesten gedurende die 4 jaar. Als 5-8% van de pups het overleeft, dan blijft de populatie constant. Het voortbestaan van de soort wordt dus gegarandeerd, ondanks het relatief hoge sterftecijfer onder de pups. Het is simpelweg een andere overlevingsstrategie: kwantiteit is belangrijker dan kwaliteit.

Zwervende huishonden

In deze groepen met vrijlevende honden komen zo nu en dan verdwaalde huishonden terecht. Zij kunnen niet goed wedijveren met de honden die geboren zijn op straat en die goed zijn aangepast aan deze habitat. Ze zullen verder zwerven en misschien hun eigen niche vinden. Dit verklaart dat je hier soms honden aantreft die kenmerken hebben van rashonden.

Conclusie

Honden zijn niet meer seizoensgebonden zoals hun soortgenoten, ze hebben geen vaste partner en langdurige ouderlijke zorg is niet meer van belang als overlevingsstrategie van de soort. Dit is een natuurlijk evolutionair proces geweest. Zoals iedere andere diersoort hebben honden zich aangepast aan een bepaalde habitat. Een niche waarin mensen een belangrijke rol vervullen; zonder de aanwezigheid van mensen zou de hond als soort nooit zijn ontstaan. Honden zijn pas véél later als huishonden bij ons in huis komen wonen en zijn ze gefokt tot de grote diversiteit aan hondenrassen die we nu kennen.

Zonder de aanwezigheid van mensen zou de hond als soort nooit zijn ontstaan.
Controverse

Lord’s ideeën zijn voor velen controversieel. In Nederland, waar veel stichtingen actief zijn met het herplaatsen van straathonden uit met name het buitenland, zal haar theorie wellicht niet direct door iedereen omarmd worden. Deze stichtingen hebben als doel straathonden een beter leven geven. De vraag rijst echter; is dat wel een beter leven? Niet iedereen zal het eens zijn met haar bevindingen en adviezen, maar wellicht zal het mensen wel aan het denken zetten over de geschiedenis van de hond en hoe de hond is ontstaan. Namelijk als ‘scavenger’, een soort die zich evolutionair heeft aangepast aan een unieke niche. De niche van onze tafelrestjes.

Referentie

Variation in reproductive traits of members of the genus Canis with special attention to the domestic dog (Canis familiaris) – Lord K, Feinstein M, Smith B, Coppinger R. (2013)
YouTube

How wolves became dogs:

Credits

SPARCSDit artikel is een verslag van de lezing door Kathryn Lord tijdens de SPARCS conferentie in 2015. Dit verslag is geschreven door Debby van Dongen (Doggo.nl) en eerder gepubliceerd in Los Vast

In 2012 was Ray Coppinger in ons land. Hij prees zijn protegé Kathryn Lord meerdere malen om haar observatievermogen, inzicht en gedrevenheid. Zij hebben samen meerdere publicaties op hun naam staan en het is, gezien de onderzoeksinteresses van Lord, duidelijk dat zij in Coppinger’s voetsporen treedt; de evolutionaire gedragsbiologie. Lord ontving haar Phd aan de Universiteit van Massachusetts. Haar expertise ligt bij de evolutie en de ontwikkeling van honden- en wolvengedrag. Zij heeft letterlijk duizenden uren besteed aan gedragsobservaties en o.a. het met de fles grootbrengen van honden- en wolvenpups. Haar werk is terug te vinden in diverse wetenschappelijke journals en boeken van o.a. Temple Grandin, Alexandra Horowitz and James Serpell. Alsof dat nog niet genoeg is, reist ze ook nog eens de hele wereld over om lezingen en workshops te geven. Ze hoopt dat haar studies kunnen bijdragen aan een beter management van de gedomesticeerde en wilde (sub)soorten van het geslacht Canis.

315 keer bekeken, 2 vandaag

Honden Trimmen

Nieuws, Weetjes 25 februari 2017

Hondentrimmen

Wat betekent trimmen

Trimmen is de verzamelnaam voor de verzorging van hondenvachten.
Honden hebben verschillende vachtsoorten en dus heeft elke vachtsoort zijn eigen trimtechniek. Plukken, scheren, knippen en effileren. Een hondentrimmer moet beschikken over een uitgebreide dosis theoretische en praktische vakkennis van alle aspecten van de hondenvacht.

Manieren van trimmen

Plukken;
hier wordt het loszittende dode haar van de hond met de hand verwijderd door de hondentrimmer. Dit gebeurd meer bij een Bouvier, maar ook een Westy wordt op deze manier van zijn haar verlost. Dit haar valt niet vanzelf uit en moet tijdig verwijderd worden.

Knippen en Scheren;
het haar wordt bij deze behandeling ingekort van de vacht met behulp van een schaar of tondeuse. Sommige honden worden alleen geknipt, terwijl bij anderen wordt geknipt en geschoren.

Uitkammen;
dit is het doorkammen van de vacht en indien nodig het ontdoen van de klitten.

Wassen en Föhnen;
kortharige honden worden soms alleen gewassen. Een langharige hond daarentegen kan zelden alleen gewassen worden, omdat het haar na de wasbeurt klitvrij moet zijn. Meestal worden deze honden eerst uitgeborsteld of gekamd door de hondentrimmer voordat zij in bad gaan. Hierna worden de honden geföhnd.

Extra behandelingen

Extra behandelingen bij de hondentrimmer kunnen zijn:

Nagels knippen:
Als een hond te lange nagels heeft, is het raadzaam deze te knippen. Te lange nagels heeft te maken met de loze lengte van de nagel.
Soms kun je merken dat bij honden met witte doorzichtige nagels, je een rood of roze gedeelte ziet, dit is het leven, alles wat langer is kan eraf geknipt worden. Bij zwarte nagels is dit iets moeilijker waar te nemen, maar je kunt het wel herkennen. Voor het getraind oog van de hondentrimmer is aan de buitenkant een soort schilferige rand te zien, die aangeeft waar het leven ophoud.

Anaalzakjes uitknijpen:
Elke hond heeft twee anaalzakjes rondom de anus. Hierin bevind zich een onaangenaam ruikende stof en dient om eventuele belagers af te schrikken. Maar omdat onze hond weinig of geen natuurlijke vijanden meer heeft kunnen de afweerklieren te weinig geledigd worden. Er ontstaat dan een verstopping, waardoor uw hond een ontsteking kan krijgen. Als uw hond “sleetje rijd” is het zeer waarschijnlijk dat de anaalzakjes overvol zitten. Deze kunnen dan door een dierenarts of hondentrimmer geledigd worden.

Oren schoonmaken:
overtollig haargroei wordt verwijderd, zodat uw hond geen ontsteking in de oren kan krijgen.

Tanden schoonmaken:
dat gaat niet bij elke hond even gemakkelijk.
Het dier moet de trimmer toestaan dit te doen. Bij een hond met een heel slecht gebit, is het raadzaam om het gebit van de hond bij de dierenarts onder narcose schoon te laten maken. Hierna kan het makkelijker onderhouden worden door de trimmer.

Wat zijn de kosten van een trimbeurt

Het prijskaartje hangt af van de tijd die wordt besteed aan uw hond.
De meeste hondentrimmers hanteren een uurtarief. Hoe lang een hondentrimmer bezig is met een hond hangt af van een aantal aspecten.

Hoe groot of klein is de hond?
Heeft de vacht wel of geen klitten ?
In model of kaal ?
Plukken, knippen of scheren?
Wel of niet wassen?

Werkt de hond mee tijdens de behandeling of staat hij/zij constant te draaien en/of probeert deze steeds weer de borstel of de schaar uit de handen van de hondentrimmer te halen.
Dit zijn allemaal zaken waarmee de hondentrimmer rekening houdt bij de prijsbepaling. Een hond die erg veel klitten in de vacht heeft en helemaal uitgekamd moet worden kost veel meer tijd dan een hond die een paar kleine klitten heeft en uitgekamd moet worden. Zo is elke hond uniek met zijn eigen prijs.

Gezondheid in de trimsalon

De hondentrimmer kan vaak meteen waarnemen hoe het gesteld is met de gezondheid van uw hond. Dit is vaak aan de vacht te zien. Ook het gedrag van de hond is vaak een gevolg van een ziekte of pijn en soms ook een nare ervaring. Een goede hondentrimmer probeert altijd zo veel mogelijk kennis op te doen om u goed te kunnen adviseren over de gezondheid van uw hond. Een hondentrimmer is niet bevoegd om een diagnose vast te stellen, maar goed houdt ook in een verwijzing naar de dierenarts.

Viallin gecetificeerd

Het keurmerk van Viallin garandeert u dat het artikel aan al onze voorwaarden voldoet. De inhoud van de artikelen zijn volledig op waarheid gecontroleerd op de juiste inhoud. Viallin is een onafhankelijke organisatie die vertrouwen hoog in het vaandel heeft staan.

445 keer bekeken, 1 vandaag

Pagina 1 van 21 2
  • Gedrag van vissen

    door op 1 maart 2017 - 0 reacties

    Gedrag van vissen Het gedrag van vissen is over het algemeen heel sociaal. Van nature leven de meeste vissen in scholen of groepjes. Ze dienen dus niet in hun eentje gehouden te worden, maar met een aantal soortgenoten. Ze communiceren door middel van geuren, kleuren en vinsignalen. Het is heel belangrijk dat de vissen over […]

  • POSITIEF TRAINEN

    door op 1 maart 2017 - 0 reacties

    POSITIEF TRAINEN Bron: www.hs-lupo.nl Afstudeeronderzoek aan de universiteit van Wageningen (Suzy Deurinck) bij 9 hondenscholen wijst uit waarom een positieve en vriendelijke hondentrainer essentieel is voor de interactie en de goede band tussen eigenaar en hond. De trainer heeft door middel van de didactiek, de interactie met de eigenaar en de organisatie van de training […]

  • Honden: puppy-af

    door op 29 maart 2017 - 0 reacties

    Puppy-af Daar sta je dan midden op het uitlaatveld… Je puber heeft dikke pret en rent van links naar rechts, maar is niet van plan om te reageren op jouw verzoek om bij je te komen. Je zucht eens diep, vorige week luisterde hij nog wel. Ineens lijken zijn oren ‘stuk’. Je zucht nog eens, […]

  • Bezin eer ge begint

    door op 2 februari 2017 - 0 reacties

    Dieren zijn lief, dieren kunnen je hart stelen en dieren zijn trouw, maar dieren hebben ook een hart en gevoel. Een dier in een kooitje van het asiel achterlaten of op een aanbodsite plaatsen, omdat je niet goed nagedacht hebt is dom en wreed … en met het gebruiken van je hersenen én je hart […]

  • Honden Trimmen

    door op 25 februari 2017 - 0 reacties

    Hondentrimmen Wat betekent trimmen Trimmen is de verzamelnaam voor de verzorging van hondenvachten. Honden hebben verschillende vachtsoorten en dus heeft elke vachtsoort zijn eigen trimtechniek. Plukken, scheren, knippen en effileren. Een hondentrimmer moet beschikken over een uitgebreide dosis theoretische en praktische vakkennis van alle aspecten van de hondenvacht. Manieren van trimmen Plukken; hier wordt het […]

UA-80302103-1